Slavante en d’n Observant

Opeen warme  zondagmorgen uitrusten van een wandeling op het terras van Slavante. Een grotere zaligheid is er niet voor mij. Het gebeurt natuurlijk niet zo vaak, maar zo eens per jaar trakteer ik mezelf erop. Het is zo’n speciale plek, net ten zuiden van Maastricht, hoog op een berg langs de Maas. Slavante is een sfeervol Buiten met een rijke geschiedenis. Je hebt er een schitterend uitzicht en zoals vandaag vang je er ook nog een windje.  We vervolgden onze wandeling, maar voor we afdaalden naar de Maas gingen we eerst nog even langs het gerestaureerde kapelletje van Antonius van Padua, ook op het terrein van Slavante. We wandelden naar d’n Observant. Ook alweer zo’n intrigerende naam van een uitkijkpunt, waar ik al vaker dichtbij was, maar nog nooit echt geweest. Als je boven bent zit je op een hoogte van 198 m boven N.A.P. Dit is een kunstmatige heuvel. Hij staat los van de Pieterberg, die er wel schijnbaar aan vast zit. Maar dit is oorspronkelijk een berg puin, die de ENCI kwijt moest om bij de laag met goede delfstof te kunnen komen. Ze hebben die deklaag naast het fabrieksterrein gedumpt en laten volgroeien, zodat het nu, weliswaar met vrij eenzijdige plantengroei, een stuk natuur is en nu in bezit van natuurmonumenten. Bovenop is een uitkijkpunt, waar je vier kanten op een mooi uitzicht hebt, als men tenminste het struikgewas wegknipt. Bij een enkele uitzichtpunt wordt het al moeilijk om ver te kijken. Toch leuk om die berg eens beklommen te hebben.Op bovenstaande foto heb je zicht op chateau Neercanne in België. Aan een andere kant zie je Maastricht liggen en verder heb je een blik oost en zuidwaarts. Al draaiend en kerend kwamen we uiteindelijk weer beneden aan de Maas uit. Daar dronken we nog wat bij Chalet d’n Observant. Dat hadden we verdiend na urenlang lopen (beetje verdwaald), gelukkig wel veel in de bossen. Het terras ligt op een vreemde plaats onder de rook van de ENCI. Ook op deze zondag werd daar gewerkt, maar wij hebben er heerlijk uitgerust. Als je maar moe genoeg bent.

Speciaal verjaardagsfeest

Het was een speciale verjaardag voor mijn zwager. Hij werd 60, dus dit kroonjaar moest wel goed gevierd worden. We zaten gezellig in de tuin, het was heerlijk weer, gezellige mensen, wat wil je nog meer. Opeens schrokken we op van een rauwe uithaal op een trompet. Wat had dat te betekenen? Er verschenen nog meer koperinstrumenten op het toneel en in no time was de tuin vervuld van de prachtigste volle klanken van vijf blaasinstrumenten. Bleek nu, dat mijn zwager zijn muziekvrienden niet alleen op zijn feestje had uitgenodigd, maar ook had gevraagd of ze niet even een concertje konden geven. En het was prachtig. Dat vijf muzikanten zo’n mooie klanken kunnen produceren. Vroeger had ik niets met fanfare muziek, maar nu word ik geraakt door de mooie doordringende klanken. Dit kwintet, waar mijn zwager de trombone blaast heet Blazersensemble Cupros. Ze treden vaker op, maar zijn ontstaan uit de fanfare.

Zo’n feest maak je, denk ik, alleen in Limburg mee. Vlaai, bier en fanfaremuziek met een klank, die anders is dan die van de fanfare in mijn dorp uit Noord Holland. En juist van die (Limburgse?) klank was ik erg onder de indruk. Het was prachtig en dat allemaal zomaar in de achtertuin!

Vol herinneringen

Vandaag bemerkte ik, dat mij, al wandelend door Maastricht, voortdurend herinneringen te binnen schoten aan mijn vriendin. Zij is inmiddels alweer ruim een jaar geleden overleden, maar nog lang niet vergeten. Samen struinden we vaak  de stad door met een grote voorkeur voor de onbekendere plekken. Zo was het destijds een openbaring voor mij dat Maastricht een haven heeft, het Basin genaamd. Toen was het nog een verre uithoek van de stad, maar inmiddels worden de fabrieksgebouwen van Sfinx en Mosa gebruikt als filmtheaters, waardoor deze hoek van de stad er nu ook echt bij gaat horen.  De typische rode kleur, die sommige huizen hebben, brachten ons jaren geleden al in vervoering. Wij moesten dan altijd aan Italië denken en fantaseerden over een vakantie daar.

 

 

 

 

 

De oude muren van de stadsomwalling waar de schooltuinen achter zitten en een heerlijk café met uitzicht op de muur. Daar hebben we heel wat uurtjes doorgebracht. Musea en andere kunstuitingen waren ook goed besteed aan ons. Vandaag zag ik een fototentoonstelling om aandacht te vragen voor het probleem van mensenhandel. De foto’s zullen door het land gaan reizen, dus jullie komen hem misschien zelf ook nog wel tegen in je eigen stad .Ik vind het apart om te ervaren, hoe mijn overleden vriendin toch nog deel uitmaakt van mijn leven. Vandaag waren er wel superveel flashbacks, meestal is het wat sporadischer. Het is erg verdrietig en jammer, dat ze er niet meer is, maar ik vind het ook mooi, dat goede herinneringen niet vergeten worden.

Koelte aan de Maas

We stapten uit de airco-omgeving van de auto en het was alsof er een warme deken over je heen gelegd werd. In eerste instantie voelde het heerlijk, zo warm was het bij ons in Noord – Holland nog niet geweest. Maar na een paar uur wist ik weer waarom ik altijd zo’n hekel had aan de Limburgse warmte. Het is er hier meteen zo benauwd bij. We zijn voor een aantal dagen neergestreken aan de Maas in Maastricht. Waar kun je beter wat koelte proberen op te doen dan daar. Met de dreigende luchten, die hopelijk wat verkoeling gaan brengen, liep ik naar de Kleine Weerd. Het is een vrij nieuw natuurgebied pal naast het provinciehuis van Limburg. Hier noemen ze dat het Gouvernementsgebouw.Ik liep daar lekker in de wind en maakte foto’s van bloeiende plantenen de rondlopende dieren  De donkere luchten hielden het bij dreigen alleen.

En de dag kleurde rose…………………

Met het oog op de gebeurtenis van vandaag kocht ik deze rose pioenrozen. Roze is normaliter niet zo erg mijn kleur, maar nu moesten ze juist speciaal rose zijn. Het is vandaag namelijk 2e pinksterdag en deze dag was jarenlang gekoppeld aan Pinkpop. Het muziekfestival was vroeger maar één dag en wel op pinkstermaandag.  In de beginjaren van dit festijn ben ik er dan ook een aantal jaren heen geweest getuige ook deze sticker op een oude schoolagenda. En op deze pinkstermaandag in 2017 ging ik wéér naar Pinkpop. Ditmaal niet in Limburg, maar in Amsterdam. Ditmaal niet in de openlucht in het sportpark in Geleen, maar in het De la Mar theater in Amsterdam. Natuurlijk was het niet het Pinkpop van toen, maar toch! Een theatervoorstelling met muziek van mijn lievelingsband Rowwen Hèze.  Het thema van de verhaallijn was Altzheimer. Heden en verleden liep voor de hoofdpersoon door elkaar. Pinkpop was cruciaal in zijn leven geweest. Daar wist hij nog alles van, maar hij wist nauwelijks meer dat het Amsterdamse meisje, dat vroeger voor zijn vriend gekozen had nu al jarenlang zijn vrouw was. Er werd veel Limburgs gesproken en gezongen. Er was boventiteling voor degenen, die dat nodig hadden. Op de achtergrond steeds oude zwart-wit beelden van Pinkpop. Ik zocht stiekum of ik mezelf nog terug zag. Het is een prachtig geheel geworden van de sfeervolle muziek, de Limburgse geschiedenis en het levensverhaal van Wiel, de hoofdpersoon. Eigenlijk was het een middag heerlijk zwijmelen over vroeger met een tragische ondertoon.

Nu begrijp je misschien, waarom mijn dag rose kleurde. Rose is zowat het handelsmerk van Pinkpop, nu nog steeds!

Blerick

De laatste broer van mijn moeder is op 94 jarige leeftijd overleden . Gisteren ging ik naar zijn begrafenis in Blerick. Daar is mijn moeder opgegroeid. Haar vader, mijn opa, had een smederij en deze broer heeft dat bedrijf later overgenomen. Hij heeft nog lang in het ouderlijk huis annex bedrijf gewoond. Hij was 7 jaar jonger dan mijn moeder. Op de gebruikelijke familiebezoekjes, feesten en begrafenissen na hadden we weinig contact met elkaar. De toespraak van zijn oudste zoon rakelde oude tijden op en wij, neven en nichten, zaten met allerlei vragen. Wij weten zo weinig over het verleden van onze ouders. Er werd niet over gepraat en als je er naar vroeg, kreeg je een summier antwoord. Dat bleek in alle gezinnen zo te zijn gegaan, niet alleen bij ons thuis. Er zijn nu nog 3 aangetrouwde tantes in leven, dus zijn we meteen gaan vragen en alle feitjes die wel bekend zijn bij elkaar gaan leggen, waardoor het grijze verleden van onze ouders iets meer is ingetekend na gisteren.

Mijn oom is tegen het einde van zijn leven opeens gaan vertellen over zijn moeilijke jeugd. Er kwamen feiten aan het licht die wij als volgende generatie niet wisten. Hij heeft zijn moeder, mijn oma, nauwelijks gekend, want die overleed dat hij 4 jaar was, mijn moeder was toen 11. Dus opa bleef achter met 8 kinderen, waarvan de jongste 1 jaar oud. Mijn oom moest als enige uit het gezin in een internaat bij de nonnen. Daar is hij van zijn 4e tot zijn 11e geweest. Het was vlak bij in hun straat, maar hij mocht niet even thuis langs gaan. Toen hij  na de lagere schoolperiode thuiskwam moest hij meteen zijn vader helpen in de smederij. Een hard bestaan. Gelukkig heeft hij een goed leven op kunnen bouwen en heeft iedereen vrede met zijn overlijden.

Overlijden op hoge leeftijd maakt dat de begrafenis niet een hele trieste gebeurtenis is. In onze familie is het al vaker voorgekomen dat zo’n afscheid eindigt in een gezellige familie reünie. En dat was nu ook weer het geval. Heel veel nichten en neven komend uit het hele land gaven acte de préséance. We zien elkaar weinig, sommige neven had ik na hun kindertijd nooit meer gezien. Toch is het allemaal familie, je hebt dezelfde gezamenlijke herinneringen, dezelfde familieverhalen over opa, logeerpartijen bij elkaar enz. Je ziet bij sommigen de uiterlijke familiegelijkenissen met opa of tantes.  Het voelde als een warm bad.

Twee stegelkes

Tijdens het wandelen tref je de allerlei doorgangen aan om van het ene weiland in het andere te komen. Het zou een leuke fotoserie opleveren, als ik alle varianten op de foto zou zetten, waar we onderweg gebruik van kunnen maken.Ik beperk me even tot draaihekjes. In Limburg heten die stegelkes. Dit is een Nederlandse variant op het Krijtlandpad ergens bij de Geul. Dit is een Belgisch stegelke, die we zagen op de wandeling rondom Moresnet. Men spreekt in dat gebied Duits en Frans. Of een stegelke daar ook zo heet is me niet bekend.

Lumiere

Je hebt een Cinevillepas of je hebt hem niet. Wij hebben hem en konden hem mooi gebruiken op een regenachtige zaterdag. We wandelden Maastricht door richting ’t Bassin. Want daar was het Maastrichtse filmhuis naar toe verhuisd. Lumiere, een begrip onder Maastrichtse filmliefhebbers, heeft als nieuwe huisvesting gekozen voor een gebouw van de oude Sphinxfabriek. Ik hou erg van industriële gebouwen die een nieuwe functie krijgen en was dan ook erg benieuwd naar hun nieuwe optrek. Ik werd niet teleurgesteld, wat een geweldige plek en wat ontzettend mooi gedaan. Het is gelukt om de enorme ruimtes ruim te houden, maar ook gezellig te maken. Dit is een aanwinst voor Maastricht als ontmoetingsplek. Je kunt er heerlijk terecht voor een hapje en een drankje en gezellige zit. Elementen uit de fabriek heeft men laten zitten en dienen nu als decoratie. Door het hele gebouw vind je versiering van aardewerk. Een kleine link naar het verleden van de Sphinxfabriek. En naast al dit moois kun je er ook nog naar de film. Er zijn zes zalen. We keken naar een bijzondere Poolse-Zweedse film: United States of Love. Het speelt rond 1990. De muur was net gevallen en het westen lonkt. De vier vrouwen waar de film over gaat zijn alle vier niet gelukkig. Toch lijkt het ze aan niets te ontbreken. Er wordt een heel gedeprimeerde sfeer opgeroepen door de rauwheid, de puurheid waar alles mee gefilmd is. Weinig kleur zit er in de beelden, de lokatie is zo’n typische Oostblokwijk, er is geen muziek in de film, wat voor indringende stiltes zorgt. Het was niet echt een verhaal met een kop en een staart. Het kabbelde steeds door van de ene ellendige  situatie in de andere. Ik wist niet goed wat ik aan de film had, maar merk nu dat het me nog steeds bezig houdt. De cameravoering was dicht bij de personen gehouden, waardoor je ook nog intenser meegetrokken werd in de gevoelens en doen en laten van de mensen. Ja, toch een goede film, alleen niet zo voorspelbaar.

Moresnet, deel 3

We kwamen terug in Moresnet na vijf kilometer gelopen te hebben.  We pauzeerden even en liepen toen verder onder de  hoge spoorlijn door. Die  spoorlijn is nog een overblijfsel uit de eerste wereldoorlog toen men een spoorverbinding nodig had voor het transport van Duitse artillerie en troepen naar het front te vervoeren. Hij overbrugde het dal van de Geul.

Met de Geul nu aan onze andere hand passeerden we eerst een oud industrieel gedeelte met voorheen de graanmolen van Moresnet. Een oud mijnspoor was een perfect wandelpad geworden. Om er een rondwandeling van te maken bogen we op een gegeven moment af van het spoor en liepen een heuvel op. Daar keken we weer mooi uit over het plateau. Het plateau werd op een gegeven moment weer verlaten en we daalden af naar de Geul. Daar zagen we een IJsvogel vliegen. Het was nog een prachtig stukje natuur langs de rivier door een bos. Ongemerkt naderden we Moresnet alweer. Het laatste stukje was wel apart. We moesten volgens de route gewoon bij mensen achter over hun erf lopen om vervolgens door een steegje aan de voorkant op straat te komen. Je denkt eerst dat je verkeerd gelopen bent, zo gek. Maar we waren weer in het dorp en konden voldaan in de auto stappen.