Door Limburgs heuvelland

We wandelden vandaag in het Limburgse heuvelland een rondje met de start in Nyswiller. Via Trintelen, waar we even rustten in de Bernardhoeve, ging het via Baneheide weer terug naar ons beginpunt. Met mijn broer als gids komen we altijd weer op nieuwe landweggetjes te lopen. Je bent weg van alles en je hoeft alleen maar te genieten van alle moois dat je om je heen ziet. Het was prachtig weer. Af en toe zelfs een beetje té warm met 24 of 25 graden. En mijn broer, de natuurkenner,  zou mijn broer niet zijn, als we onderweg niet weer gewezen werden op de tijgerspin  en een zwerm met jonge puttertjes  Het blijft heerlijk om zowat de hele dag rond te zwerven door het Limburgse heuvelland.

Over dijken

We fietsten eerst een eind tegen de wind in. Helaas betrok de lucht en was er eigenlijk geen zon. Verder prima fietsweer, maar alsof het zo moest zijn, brak de lucht open toen we bij Durgerdam de IJsselmeerdijk op reden. Daar hadden we de wind in de rug en met de zon erbij heb je op een dijk toch de mooiste vergezichten over het land. We genoten van de ruimte, de kleurtinten groen, alles wat er op het land en het water te zien was. En deze buizerd liet zich ook nog eens op de foto zetten!

Mee-wind naar Enkhuizen

Of je nu tegen- of meewind hebt maakt heel veel uit als je een flinke afstand wilt fietsen. Wij hadden Enkhuizen als doel. Dat is ongeveer 55 kilometer bij ons vandaan. Als de wind dan uit het zuidwesten komt en die stad ligt in noordoostelijke richting, dan begrijp je dat het vederlicht trappen was. We deden er 3 uur over inclusief de lunchpauze. Die hielden we in Hoorn aan de haven.Vanaf daar volgden we de LF 21a route tot in Enkhuizen. Een mooie tocht over de dijk van het IJsselmeer, die we af en toe verlieten om door dorpjes te rijden zoals Wijdenes, Oosterleek, Broekerhaven. Enkhuizen blijft toch een prachtige Zuiderzeestad. Nu konden we eens door die mooie straatjes fietsen i.p.v. wandelen.  Omdat we op de trein moesten wachten, want uiteraard was dat ons vervoermiddel voor de terugweg, gingen we nog even in de Westerkerk kijken, want daar was een tentoonstelling van Gerd Wilfert, met zijn magisch realistische schilderijen. Herkenbare plekken voor de Enkhuizenaar, met een magisch realistisch sausje erover. Ik nam een foto van het interieur van de kerk en van de magisch realistische variant. Dit vond ik ook nog een leuke

Een ander stukje strand

Meestal ga ik naar het strand bij Bergen en Schoorl ten noorden van het Noordzeekanaal. Nu ging ik samen met vriendin/excollega M. naar IJmuiden ten zuiden daarvan. Het zou geen stranddag worden in de zin van ‘op het strand liggen bakken’.  Dat was ook niet onze bedoeling. Wij wilden lekker uitwaaien, bijkletsen en lekker lopen. Het was er een uitgelezen dag voor.

Het klaarde helemaal op en dat leverde zonnige strandfoto’s op. Vanaf IJmuiden liepen we ongeveer 15 kilometer naar Zandvoort. Vandaar weer met de trein naar huis.

Twee doelen

Je hebt een briefje met nummertjes: 51-54-15-19- enz., je hebt een fiets en een treinkaart. Dat zijn de ingrediënten, die nodig zijn om de doelen die we ons vandaag gesteld hadden te behalen. We wilden op familiebezoek gaan naar Hilversum, ruim 50 kilometer bij ons vandaan. We stapten op de fiets en volgden eenvoudig de nummers van het briefje. Ons pauzemoment was in Weesp aan de waterkant. Via de Ankeveense plassen,’ s Graveland en het Corversbos konden we uitrusten bij onze familie in Hilversum. Het tweede doel was om eens ervaring op te doen met de fiets mee in de trein. Dat werd onze terugreis: fietskaartje kopen, met fiets door poortjes, met fiets in de lift, fiets in de trein zetten. Het bleek een fluitje van een cent te zijn, maar je moet het gewoon een keer gedaan hebben. Het leuke is, dat je op deze manier je fietsgebied aardig kunt vergroten. Ik heb een hekel aan rondjes fietsen en eigenlijk doe je dat altijd, als je in je eigen omgeving fietst. Op deze manier heb ik veel meer het gevoel een afstand afgelegd te hebben, dan bij een rondrit.

De variatie

Een rondje fietsen in onze eigen omgeving kan heel gevarieerd zijn. Zo stuitten we vanochtend op een koeienritueel, het verweiden of eigenlijk de koeien vanuit de melkstal overbrengen naar hun weiland. Dat komt in deze omgeving vaker voor, zoals ik hier al eens beschreef.  In de Wijdewormer moesten ze een lange weg door, net waar wij over aan gefietst kwamen. En daar zijn ze dan eindelijk, 150 koeien …….. Zij hebben de tijd, wij toevallig ook. Mooie oefening in onthaasten. Na de polder de Wijdewormer is Zaandam aan de beurt. De Zaan met zijn industrie en de oude arbeiderswijken. Ik ontdekte, dat de gevel van de oude huishoudschool ‘Sint Jozef’, versierd is met Art Deco. 44 jaar geleden kreeg ik met mijn eerste basisschool-klasje onderdak in dit gebouw. En wat ligt Zaandam dicht bij Amsterdam. Voordat we het wisten fietsten we langs het IJ met alle industriële activiteiten die de haven met zich meebrengt. Interessant is daar, de creatieve invulling van de kale niemands landjes. Leuke alternatieve terrassen zijn overal verrezen. Zomerse festivalterreinen kleuren de oevers, Noorderlicht en Festivals of Fools.Wij fietsten verder, de stad weer uit, naar ons landelijke dorpje, toch zo dichtbij.

Van huizen, tuinen en deuren

Na al het moois dat we de afgelopen week in Zuid-Limburg hebben gezien, fietsten we weer in ons eigen Waterland rond, want ook hier heeft alles zijn eigen schoonheid. In Broek in Waterland werden we niet teleurgesteld. De mooie huizen, prachtig in de verf gezet met de diversiteit aan gevels zijn daar voor het opscheppen. Wat een pareltjes daar rondom het Havenrak! De prachtige tuinen maken het dorpsaanzicht deze tijd van het jaar nog aantrekkelijker.De ene deur is daar nog mooier dan de andere, dus die moesten ook even op de foto. Tot slot nog twee deuren van ‘Het Beroemde Huis’.

Vergeten plek

Toen ik bij Rob Schimmert las over vergeten plekken, die niet in routes zijn opgenomen, had ik meteen een doel voor onze wandeling van vandaag. Want inderdaad noemde hij Oud-Lemiers op als zo’n vergeten plek en ik moest bekennen, dat ik daar alleen nog maar in de buurt ben geweest. Dus bedachten we voor vandaag een route die dóór dat dorpje liep. Het blijkt, dat je een Nederlands Lemiers hebt en een Duits Lemiers met daartussenin Oud-Lemiers. De Catharinakerk van Lemiers is een blikvanger langs de weg. Verder is dit gedeelte niets bijzonders, een dorp met een vrij drukke verkeersweg erdoorheen. We liepen door een oprijlaan naar kasteel Lemiers.(G’n hoes) Het is niet te bezichtigen en er was maar een glimp van te zien. Het dorpje oud-Lemiers is een straatje met prachtige oude huizen en een kapel, waarover morgen meer.Over een bruggetje loop je het Duitse Lemiers in.

 Het ligt allemaal zo dicht bij elkaar, maar dit zijn onmiskenbaar Duitse huizen.

 

 

 

 

 

Het blijft intrigerend om in een grensgebied te wonen. De oude Nederlandse grenspaal bewijst, dat de grens daar echt loopt, maar het lijkt ongelooflijk. Het is een boeiend stukje land daar en ik ben blij dat ik door Rob op het idee gebracht ben om erheen te gaan.

In het land van de mergel

In Valkenburg kennen we een goede fietswinkel. Het zou een leuk wandeldoel zijn om daar even heen te gaan. Dus liepen we dit keer Maastricht uit in oostelijke richting. We volgden de bordjes van het Pieterpad. Voorbij Heer (wijk in Maastricht) ben je meteen helemaal buiten op het plateau. Na een flink tijdje steeds maar klimmen, kon de daling ingezet worden naar de Geul. Net als gisteren in België ben je je hier ook erg bewust van het feit dat de ondergrond veelal uit mergel bestaat. De watermolen in Geulhem is gebouwd van mergelstenen. Om de hoek zitten grotwoningen, één van de functies, die mergel heeft gehad.  Het wandelpad langs de Geulle is altijd even prachtig, de kabbelende rivier aan de ene kant en aan de andere kant de mergelwanden. Als je dan in Valkenburg komt, zie je dat die stad veel toeristische activiteiten kan ontplooien vanwege de mergel. Zo liepen we langs grotten, die ingericht zijn als de Romeinse katakomben. Het is een museum, dat je kunt bezoeken. Je ziet er ook restanten van een prehistorische vuursteenmijn, de oudste mijnindustrie die bekend is in ons land. Zo zijn er in Valkenburg nog talloze grotten met allemaal andere thema’s. Verder heeft deze stad een heel bijzondere uitstraling omdat er veel  gebouwd is van mergel, zoals kerken, stadsmuren, de oude ruïne en nog veel meer. Ik heb er geen foto’s van, alleen maar van een enkel huis om een indruk te geven.