Poortwachters 18

Eigenlijk wilde ik de klassieke leeuw als poortwachter niet plaatsen. Ik zoek naar originelere exemplaren om aan mijn verzameling toe te voegen. Toch kijk je nu naar leeuwen, maar niet de eersten de besten, want dit zijn koninklijke leeuwen. Zij bewaken het landgoed de Horsten, bij Wassenaar, waar onze koning woont in huis ‘De Eikenhorst.

Poortwachters 15

 Leeuwen als poortwachters zijn eigenlijk té standaard voor mijn poortwachtersverzameling. Toch plaats ik de leeuwen die ik vorige week zag staan bij Kasteel Oost in Valkenburg wel, omdat ze zo indrukwekkend zijn en zo mooi passen in het geheel. Op het timpaan zie je ook leeuwen in het wapen zitten.

De verkorte geschiedenis van dit kasteel kun je hier lezen.

Poortwachters 13

Een gedeelte van de Purmer heet de Nespolder. Er staat een houten huis op een terp. Vooraan de weg naar het huis staat een poort met bijzondere poortwachters. Die ben ik eens van dichtbij gaan bekijken. Er zit vast een verhaal achter en dus ben ik op zoek gegaan naar de geschiedenis ervan. De Nespolder was een veenderij. Rondom het huis is er een tijd lang (rond 1900) veen afgegraven. Dat werd per schip afgevoerd, eerst naar de Nesmolen, die aan de overkant van de Purmerringvaart aan het Molenpad stond. Die molen is weg, maar het huisje, weliswaar nog maar een gedeelte ervan, staat daar nu nog in zijn volle glorie. De figuren op de poort vertellen dus het verhaal van de turf.Maar de poort is op zich van een bijzondere constructie. De grote  wielen verbonden aan de kleine wielen beneden zag ik altijd wel. Ik dacht eigenlijk dat het gewoon ter decoratie was. Nu zag ik ook, dat er een naambord op zit in mooie sierletters: LOUISA. (wit bord naast de rechter paal) Wat kan dat nou zijn? Vast niet de naam van een bewoonster. Ik ontdek op de site van Geschiedenislokaal Waterland een foto van een baggerturfmachine, die in de Nespolder werd gebruikt met de naam LOUISA. Ik denk nu,  dat de wielen ook onderdelen zijn geweest van die machine. Dat weet ik niet zeker, want op onderstaande foto kun je de machine niet zien, hoewel de titel dat aangeeft. Maar op deze site lijkt me toch voldoende bewijs geleverd. Zo leuk, dat de huidige bewoners van de Nes de geschiedenis van die historische plek zo in ere houden.

Poortwachters 12 + roots (4) Handel

Tijdens onze autotoer door de Peel deden we ook Handel aan. Ooit ging mijn vader hier naar de lagere school, maar die was niet meer terug te vinden. Wel zagen we dat dit dorp al sinds de 14e eeuw een bedevaartsoord is. Twee engelen zijn de poortwachters naar een zogenaamd processiepark toe. Daar kunnen de bedevaartgangers een rondje langs kruiswegstaties  doen. Er is een grote ontmoetingsplek bij een Mariabeeld.In de kerk is een Mariakapel, heel mooi betegeld met mozaïek. Men gelooft dat hier wonderen verricht zijn op voorspraak van Maria. Met deze Mariaverering is mijn vader dus al op jeugdige leeftijd in aanraking gekomen. Dat zou zijn grote ontvankelijkheid voor Lourdes met zijn wonderen, kunnen verklaren.

Poortwachters 11

Dit tweetal zat de poort goed te bewaken. Ze letten scherp op hoe wij alleen maar langs wandelden. Zo kan ik een levende variant aan mijn serie over poortwachters toevoegen. Bij het zien (en horen) van deze twee jongens (misschien wel meisjes)  schoot me de volgende versregel te binnen: Ik wou dat ik twee hondjes was. De rest van het gedicht gaat zo:

Ik zit mij voor het vensterglas
onnoemelijk te vervelen.
Ik wou dat ik twee hondjes was,
dan kon ik samen spelen.

Spleen, Godfried Bomans Grappige bijkomstigheid is, dat dit gedicht van Michel van der Plas door hemzelf is toegeschreven aan Godfried Bomans. Michel heeft het  geschreven naar aanleiding van een Duits vers dat hij vertaalde. Godfried heeft het nooit gerectificeerd, dus blijft het officieel een gedicht van hem.